Het Fonds Houwaert

Iedereen die met zijn voorouders in Brussel terecht komt, mag zeker niet vergeten het "Fonds Houwaert", dat berust in de Koninlijke Bibliotheek, te doorpluizen.  Dit fonds is immers, buiten het notariaat en enkele andere archivalia, de enige bron voor de periode voor 1695 in het Brusselse.  De man, die deze rijke verzameling aanlegde, was Joannes Baptist Houwart, gedoopt in Sint-Goedele op 24 juli 1626 als zoon van Jean-Baptist en Catharina le Fort.  Hij was een telg uit een voornaam patriciërsgeslacht en de broer van Maria Anna Houwart, abdis van de abdij van Parc, en de neef van Palamedus Houwart, die in 1625 tot ridder geslagen werd.  Tevens mogen we niet vergeten te vermelden, dat hij de achterkleinzoon was van de bekende Vlaamse dichter en diplomaat Joannes Baptist Houwart (1533-1599).  Hij werd schepen van zijn geboortestad en later secretaris, waardoor het hem mogelijk was de oude schepenregisters te bestuderen en er alle belangrijke gegevens uit over te nemen.  Vermoedelijk heeft hij zich bij die omvangrijke studie door zijn klerken laten bijstaan.  Het resultaat van deze opzoekingen is gebundeld in méér dan honderd registers en werd later nog aanzienlijk aangevuld door drie generaties van zijn erfgenamen, zodat het fonds thans honderd tachtig nummers telt.

Ziehier de beknopte samenvatting van de oude catalogus:

1. 83 volumes "Miroir des preuves qui ne flatte point", die in werkelijkheid een repertorium uitmaken op de oude schepenboeken van Brussel en omliggende gemeenten vanaf 1339.  In deze registers vindt men ook kopieën van grafschriften uit Brussel, Leuven en omgeving, naast nota's uit leenboeken, toelating tot het patriciaat, enz.

2. 25 wapenboeken, waarvan de meeste rijkelijk verlucht zijn.

3 Meer dan 50 registers met genealogieën, kwartierstaten en bewijsstukken.

4. Enkele oude gedrukte genealogische en heraldische handboeken.

De waarde van het eerste deel is uiterst belangrijk op gebied van de geschiedenis, want het bevat immers duizenden afschriften uit het Brusselse schepenarchief.  Het is zelfs zo, dat na het bombardement op Brussel in 1695, sommige van deze afschriften door het gerecht als bewijsmateriaal werden aanvaard.

Joannes Baptist Houwaert overleed op 19 november 1688 en was toen 62 jaar oud.  Met zijn eerste vrouw, Margriet de Bouteville, had hij slechts één docher, Marguerite geheten, die in 1705 overleed en gehuwd was met Louis d'Ursel, de wapenkoning van Vlaanderen.  De dochter van laastvernoemde, Marie Anne Thérèse d'Ursel, schonk de verzameling van haar grootvader aan haar echtgenoot Richard de Grez, Heer van Lindebeke, die eerst wapenkoning van Namen en later van Brabant werd en te Brussel in 1752 overleed.  Zijn erfgenaam was zijn enige zoon Jacques Joseph François, die wapenheraut was van Brabant en samen met zijn vader de verzameling nog heeft aangevuld.  Hij overleed te Brussel de 6 april 1769 en zijn genealogische bibliotheek, nog aangevuld met notities van o.a. de wapenheraut Jean Baptiste Antoine de Grez (+ 1727) en Martin Charles Joseph de Grez (+ 1753), werd nu eigendom van zijn oudste dochter Jeanne Richarde Josephe.  Zij was geboren op 17 juni 1760 en overleed te Leuven op 30 september 1841, als weduwe van Jacques Joseph van der Beken-Pasteels.  Het was haar zoon Alexander, lid van de Generale Staten van Nederland en voorzitter van de rechtbank van eerste aanleg van Eindhoven, die in 1841 in het bezit kwam van de kostbare handschriften.  De successie bleef een tijd lang onverdeeld en in 1871 voerden zijn erfgenamen besprekingen met de Belgische Staat en de stad Brussel, met de bedoeling de documentatie af te staan.  Enkele tijd later werd alles eigendom van een medeërfgenaam, Baron Edmond de Ryckman de Betz, die enkele jaren later ook kinderloos stierf.  Zijn erfgename was zijn zuster Laurence, Barones van Haeften, die het fonds in 1908 naliet aan notaris Roberti uit Leuven.  In 1932 werd het volledig archief, waarop de heer Henry Charles van Parijs, ere-voorzitter van de S.C.G.D., een uitstekende analytische klapper maakte, gedeponeerd in de Koninklijke Bibliotheek.

.

(bewerkt door F. VAN BASSEVELDE, artikel raadpleegbaar in Vlaamse Stam, jaargang 1971, p.193)

Deze informatie is vrij beschikbaar.
Nochtans zou ik het zeer op prijs stellen moesten aanvullingen mij kenbaar worden gemaakt.