De Brechtse tak van de
familie Stijnen

Stijnen is, zo verklaart Prof. Dr. A. Carnoy, een metronycum, d.i. een moedersnaam, afgeleid van de vrouwennaam Kerstijne, waarvan Stijne een vleinaam is.

In vroeger tijden was Stijne, in onze vlaamse gewesten, een nogel courante doopnaam. Wellicht werden hier en daar de afstammelingen van een Stijne, eerder naar de naam van hun moeder, dan naar die van hun vader aangeduid en hebben zij na verloop van tijd hun oorspronkelijke bijnaam tot hun geslachtsnaam aangenomen en zijn aldus onderscheidene families Stijnen ontstaan, die met elkaar niets anders gemeen hebben dan de naam die ze dragen.

Het lag geenszins in onze bedoeling de onderscheidene families Stijnen op te sporen; we hebben onze belangstelling beperkt tot de Brechtse tak. Uit onze opsporingen is gebleken, dat de Stijnen's slechts in de tweede helft van de 17e eeuw te Brecht aangeland zijn. Degene die we het vroegst hebben aangetroffen is Joannes Stijnen.

(bewerkt door E. VAN DEN BOSSCHE, artikel raadpleegbaar in Vlaamse Stam, jaargang 1971, p.103)

Deze informatie is vrij beschikbaar.
Nochtans zou ik het zeer op prijs stellen moesten aanvullingen mij kenbaar worden gemaakt.